'Hier zegt iedereen elkaar nog gedag'
Dirk (65) en Anneke (60) Luijendijk hebben hun hele leven lang in Bleiswijk gewoond. “Ik zit hier goed”, zegt Dirk. “Hoewel ik wel eens denk hoe het zou zijn als we bijvoorbeeld naar Drenthe zouden verhuizen. Als zijn vrouw dat hoort, krijgt haar gezicht een vastberaden trek: “Drenthe? Nee hoor, daar gaan we niet heen. We blijven lekker hier.”
Volgens echtpaar Luijendijk voelt Bleiswijk vooral heel vertrouwd. “Als je door het dorp loopt, zegt iedereen elkaar gedag. Het voelt als een warme deken.’’ Natuurlijk is er in de loop van de tijd wel wat veranderd. In de tijd dat zij opgroeiden, woonden er nog maar 2.700 mensen in Bleiswijk. Inmiddels is het aantal inwoners meer dan verviervoudigd en zijn er vele woonwijken bijgebouwd in deze kern, die nu tot de gemeente Lansingerland behoort. Toch zijn er nog aardig wat mooie, dorpse plekjes te vinden, en die ‘bewaakt’ Dirk als voorzitter van de Oudheidkundige Vereniging en Museum Bleiswijk fanatiek.
Mooie plekjes
Het mooiste plekje noemt hij het uitzicht vanaf de Molendijk bij de Lange Vaart. “Als je in noordelijke richting kijkt, dan zie je echt nog een oud stukje Holland. Er ligt ook nog een eeuwenoude sluis, die nu een rijksmonument is, net als de oude dorpskerk overigens.’’ Ook de Lange Vaart zelf vindt Dirk een bijzondere plek, zeker in de winter, wanneer er ijs ligt. Hij zit al jaren in het bestuur van de ijsclub. “We bestaan dit jaar 125 jaar. Dat is langer dan de Elfstedenvereniging”, zegt hij met enige trots.
Wat wil je nog meer
Over hun eigen woonwijk, de Bomenwijk, zijn Dirk en Anneke goed te spreken. De woningen zijn midden jaren zeventig gebouwd en liggen aan de rand van Bleiswijk, vlak naast een enorm recreatiegebied. De wijk is ruim opgezet en overal zijn riante parkeerplaatsen aangelegd. Inmiddels wonen ze alweer 35 jaar in het huis waar ze hun twee dochters hebben zien groot worden. “Ik hoef hier niet weg”, zegt Dirk, die voor zijn werk als vertegenwoordiger altijd veel heeft gereisd. “Ik heb een voortuin en een achtertuin waarin ik ’s zomers heerlijk rustig met mijn krantje een kopje koffie drink. En om de hoek ligt een prachtig wandelgebied. Wat wil je nog meer?’’
